Zeven dagen. Eén berg. En een gletsjer die recht voor je ogen smelt.
De Dachstein Wochenrundtour trekt een volledige kring om het dak van het Salzkammergut — 121 km en 6.700 hoogtemeters stijging in zeven dagen. Dat is geen zondagswandeling. Dat is vijf keer op en neer over de kam, met rugzak, over een karstplateau, gletsjertongen en hutten die tegen de rots geplakt zitten op tweeënhalve kilometer hoogte.
Je start en eindigt in Gosau, bij de Vorderer Gosausee. Het meer ligt op 933 m en zijn spiegelbeeld van de Dachstein hoort bij de meest gefotografeerde bergaanblikken van heel Oostenrijk. Van hieruit oogt de berg onneembaar. Zeven dagen lang laat hij je eerlijk zien dat je hem kunt omtrekken.
De noordzijde van het massief herbergt de Hallstätter Gletscher — de grootste gletsjer van de Noordelijke Kalkalpen en tegelijk het meest noordelijke en oostelijke ijs van de hele Alpen. Zo'n 2 km² in 2024, en hij trekt zich zo snel terug dat experts spreken van een mogelijk volledige verdwijning binnen ruwweg tachtig jaar. Jij loopt eromheen zolang hij er nog is. Dat is de belangrijkste reden om deze route nu te lopen, niet 'ooit'.
Dag één loopt van Gosau omhoog naar de Adamek-Hütte (2.196 m) aan de noordzijde, bij de Gosaugletscher. Een hut uit 1908, vernoemd naar Karl Ritter von Adamek, voormalig voorzitter van de Alpenverein. Haar voorganger, de Grobgesteinhütte uit 1879, vind je vandaag alleen nog als ruïne.
Op dag twee steek je de Gosaukamm over — de westelijke vleugel van het massief, geregeerd door de Bischofsmütze (2.458 m) — naar de Hofpürgl-Hütte (ca. 1.705 m), direct onder de Grote Bisschopsmuts.
Dag drie is rustiger, een afdaling naar de Theodor-Körner-Hütte (1.466 m) uit 1922. Vanaf haar zonneterras kijk je helemaal tot aan de Hohe Tauern en de Großglockner.
Dag vier is de koninklijke etappe. De beklimming naar de Seethalerhütte (2.740 m), de hoogste hut van Opper-Oostenrijk, vlak onder de top van de berg. De ÖAV bouwde haar in 1929; door de smeltende permafrost werd ze in 2016-2018 gesloopt en volledig herbouwd, en ze opende begin 2019. Tweeëntwintig slaapplaatsen, een slaapzak in de hut is verplicht.
Op dag vijf daal je door de gletsjerzone via de Krippenstein naar de Gablonzer Hütte (ca. 1.550 m) op de Zwieselalm. Ze werd gesticht door bergbewoners uit Gablonz — het huidige Jablonec nad Nisou — en is bijna het hele jaar open.
Op dag zes klim je naar de Simony-Hütte (2.203 m), direct boven de Hallstätter gletsjer. De oudste hut van de rondtocht: de Weense Alpenverein bouwde haar al in 1877, ter ere van professor Friedrich Simony. Vandaar loopt de normaalroute naar de Hoher Dachstein (2.995 m), de hoogste top van Opper-Oostenrijk én Stiermarken — over de gletsjer en een klettersteig van moeilijkheidsgraad B. Wie de top wil, neemt hem vanaf hier.
Dag zeven is de laatste afdaling naar de historische Austria-Hütte (1.638 m) en terug naar het dal.
Voor wie is dit: voor ervaren stappers. Moeilijkheidsgraad hard, hooggebergteterrein, gletsjerstukken, zeven dagen zelfvoorzienend. Dit is niet je eerste hut-to-hut.
Wanneer ga je: in de korte alpiene zomer, ruwweg van eind juni tot half september, afhankelijk van sneeuw en de openingstijden van de hutten.
Hoe reserveer je: boek slaapplaatsen in de hutten van de Alpenverein vooraf, idealiter online via de Alpenverein. Lidmaatschap van de ÖAV of DAV betekent korting op de overnachting en een bergverzekering als bonus.
Zeven dagen lang liet de berg je de rug van zijn gletsjer zien. Op de achtste dag draai je je in Gosau om, over het meer, en zie je hem in zijn geheel — en voor het eerst weet je wat er achter die wand ligt.
Kies een startdatum — voor elke nacht op de route zie je meteen de vrije bedden en reserveer je direct via het officiële systeem van de Alpenverein.